Buurtproat door Erik – Editie maart
AGENDA maart/april
22 maart 2018
Honderd duizend liter van Hennie
24 maart 2018
Laat alles zien

Tjonge wat heb ik zin in het voorjaar. Lekker weer de warmte van de zon voelen, alles groen zien worden. De natuur komt er voorzichtigjes aan, het plantsoen bij de watertoren borrelt al van ongeduld en ook de bosschages achter Diepenveen staan op uitbarsten. De lente meldt zich meestal als eerste met krokusjes en de paddentrek. Voor dat laatste had ik nooit veel aandacht, totdat ik er ooit middenin stond, letterlijk dus! Eerder deze week zag ik diverse vrijwilligers in Diepenveen al weer in de weer. Gewapend met emmertjes en beschermd met hesjes waren ze aan het speuren en helpen. Met name langs de Oranjelaan tussen de Molenweg en de Draaiomsweg. Maar ook rondom het Nieuwe plantsoen kwam ik mensen tegen, ze waren druk bezig met de schermpjes langs de bosschage. Iemand van de ‘IVN-werkgroep Paddentrek Deventer vertelde mij dat het gaat om padden, kikkers en salamanders. Zij hebben hun winterslaap gedaan in de bosdelen en willen dan naar het water om zich voort te planten. De man genoot van de aandacht en vertelde dat het voorjaar, voor volwassen amfibieën, in het teken staat van de voortplanting. Wanneer de temperatuur en luchtvochtigheid hoog genoeg zijn, ontwaken ze. Soms is dat al vroeg, zo vanaf eind februari. Nu dus wat later, maar uiterlijk begin april komen ze uit hun winterslaap en trekken ze naar geschikte poelen, vijvers en sloten om zich daar te vermenigvuldigen. Het water hier bevindt zich aan de andere kant van de weg die het plantsoen in tweeën deelt; de Ceintuurbaan. De mannetjes kikkers en padden zitten na het ontwaken uit de winterslaap duidelijk al vol met hormonen en hebben maar één doel: voortplanten. Al tijdens de trek naar het water, of als ze bij het water zijn aangekomen, zoeken ze zo snel mogelijk een vrouwtje. In sommige emmers zag ik enkele heel ongeduldige stelletjes, maar goed een helpende hand is hier en daar wel gewenst natuurlijk. De drukke Ceintuurbaan is vanaf de schemer wel wat rustiger, het moment dat de amfibieën aan de wandel gaan. Maar de kans om geplet te worden is aanzienlijk. De vrijwilligers schijnen met zaklampen over de stoep en pikken de diertjes op. De ‘geredde’ exemplaren worden dan veilig naar de overkant gebracht door de ‘paddenlopers’, zoals de vrijwilligers zichzelf noemen. Een blik langs de schermen levert direct ook een goede ‘vangst’ op. 40 centimeter hoge kunststof randen bevinden zich, voor een enorm groot deel, langs het bos waar de winterslaap voorbij lijkt te zijn. De ‘verplichte looproute’ eindigt veelal in een ‘val’. Her en der zijn emmers ingegraven zodat de beestjes eenvoudig verlost en gered worden. In de emmers zie ik kikkertje zo groot als mijn nagel, maar ook dikke padden. Hier en daar zelfs wat salamanders. Elke ochtend en avond worden de emmers keurig gecontroleerd, een nobel taakje dus.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *